Energiebeleid

Het door de overheid gevoerde energiebeleid is in belangrijke mate bepalend voor de verdere ontwikkeling van duurzame energiebronnen en de markt voor duurzame energie. Het Internationaal Energie Agentschap wijst op de aanhoudende overheidssubsidies op fossiele energiebronnen. Volgens Nederlandse energieanalisten gaat er op dit moment in Nederland veel meer overheidssteun naar de fossiele energiemarkt dan naar duurzame energie.  En volgens een Europese denktank voor klimaatbeleid zal duurzame electriciteit in 2021 amper duurder zijn dan stroom uit fossiele brandstoffen.

Biobased economy in het regeerakkoord

30 oktober 2012
Het gisteren gepresenteerde regeerakkoord tussen VVD en PvdA bevat een aantal ambities op het gebied van 'duurzaam groeien en vernieuwen'. 'Een groot aantal veelbelovende ‘biobased’ initiatieven is de laatste jaren al tot stand gekomen. Deze ‘biobased economy’ kan een van de pijlers vormen voor groene groei. We willen – met een breed draagvlak in parlement en samenleving – een stabiel en ambitieus beleid voor de lange termijn neerzetten. (…)

Biomassa moet zo hoogwaardig mogelijk worden ingezet (‘cascadering’) en de duurzame productie en herkomst van biomassa gegarandeerd.Het kabinet streeft naar een circulaire economie en wil de (Europese) markt voor duurzame grondstoffen en hergebruik van schaarse materialen stimuleren.’,aldus het regeerakkoord.

Lees meer over biobased economy in het regeerakkoord....

Nederlandse overheid bevoordeelt grote energieproducenten

Volgens René van der Bruggen, bestuursvoorzitter van Imtech, een internationaal opererend technologiebedrijf met een jaaromzet van 1,8 miljard euro, is het Nederlandse energiebeleid teveel gericht op grootschalige energieproductie (gebaseerd op steenkool). “In Duitsland is men veel verder met het decentraal opwekken van warmtekracht.”, zegt hij in een interview in het NRC Handelsblad van zaterdag 28 juli, 2012. “Elk ziekenhuis, elk groot kantoorgebouw of elk industriegebied wekt z’n eigen energie op. Dat is met een rendement van 60 tot 70 procent veel efficiëntere en schonere energie dan die uit kolencentrales. Ook voor huishoudens is het in Duitsland veel makkelijker om in dat soort stroom te investeren. De crux is: als je een overschot aan energie hebt, kun je het daar voor een vast bedrag verkopen aan het netwerk van de commerciële electriciteitsbedrijven . In Nederland is dat niet zo. Hier ben je afhankelijk van de grote energieconcerns. Zij bepalen of je op een bepaald moment überhaupt iets krijgt voor je levering. Dus investeert hier niemand in zijn eigen energievoorziening. Daarmee gooit Nederland een systeem weg waarmee je rendabel en schoon energie kunt opwekken.”

Internationaal Energie Agentschap: Wereldwijd 400 miljard dollar subsidie op fossiele brandstof

Volgens het Internationaal Energie Agentschap (IEA) werd in 2010 het wereldwijde gebruik van fossiele brandstoffen met 409 miljard dollar aan overheidssubsidies gesteund. De helft daarvan komt voor rekening van olie. Ondanks afspraken die zijn gemaakt op een top in Pittsburg in 2009 om de subsidies op de productie en consumptie van fossiele brandstoffen af te bouwen was er volgens het IEA sprake van een stijging van meer dan 100 miljard dollar ten opzichte van het voorgaande jaar. Die stijging liep vrijwel gelijk op met de sterke prijsstijging in die periode.
Bij ongewijzigd beleid verwacht het IEA dat de subsidie doorgroeien naar een niveau van 660 miljard dollar in 2020.

Bron: International Energy Agency, 4 October 2011

Energiebeleid Nederlandse overheid tegenstrijdig

De Nederlandse overheid geeft grootvergruikers van energie korting en vrijstellingen op belastingen. Deze maatregelen stroken niet met het overheidsstreven de energiebesparing te bevorderen en de uitstoot van CO2 te reduceren. Dit is een van de belangrijkste conclusies uit een onderzoek van CE Delft en Ecofys in opdracht van Eneco en Triodos Bank.
Interventies van de overheid zijn vooral gericht op het eindgebruik van energie, onder meer in de vorm van belastingvrijstelling voor kerosine, scheepvaartbrandstoffen en rode diesel (1,7 miljard Euro) en kortingen op energiebelasting, vooral bij het gebruik van aardgas (1,8 miljard Euro). In 2010 ging vier keer zo veel overheidssteun naar de fossiele energiemarkt (5,8 miljard Euro) dan naar duurzame energie (1,5 miljard Euro).

Op de website van CE Delft kan een persbericht, een samenvatting en het hele rapport worden gedownload.

Duurzame energie over 10 jaar net zo duur als gewone stroom

Volgens een rapport van de European Climate Foundation, een denktank voor klimaatbeleid, is duurzame electriciteit in 2021 amper duurder dan stroom uit fossiele brandstoffen. Het rapport beschrijft 2 scenario's voor de Europese energievoorziening in 2030: een waarbij 50% van alle stroom wordt opgewekt met duurzame bronnen en een waarbij het aandeel van duurzame bronnen 60% bedraagt. Om dat te bereiken moeten de investeringen in opwekkingstechnieken met een lage CO2-belasting en in distributienetwerken in de komende 20 jaar worden verdubbeld.  Volgens de Europese denktank worden die investeringen uiteindelijk weer terugverdiend doordat zon en wind niets kosten. Fossiele brandstoffen zijn weliswaar (nog) goedkoper, maar vormen een blijvende kostenpost. Bovendien zal aanscherping van het klimaatbeleid er voor zorgen dat de uitstoot van CO2 duurder wordt.

Bron: European Climate Foundation, 'Power Perspectives 2030: On the road to a decarbonised power sector', November 2011 (PDF, 9.7 Mb)

Doorzoek de website